14 september 2020
Geplaatst door maartje

Hart van de Waalsprong ligt in de wijk Hof van Holland. Rondom Fort Beneden Lent en de bijzondere kersenboomgaard worden in relatief hoge dichtheid zo’n 1.900 woningen, supermarkten en speciaalzaken, een basisschool, sporthal, gezondheidsplein en horeca ontwikkeld. Het nieuwe stadscentrum van Nijmegen-Noord in wording.

Over deze ontwikkelingen spreken we met enige regelmaat met Wander Hendriks, stedenbouwkundige bij de gemeente Nijmegen en betrokken bij een groot deel van de planontwikkeling in de Waalsprong. Deze eerste keer vertelt hij enthousiast en met enige trots over het eerste natuurinclusieve transformatorstation in Nederland. ‘Dit ogenschijnlijk, voor vele misschien nietszeggende project is een mooie metafoor voor toekomstgericht ontwikkelen wat wij als gemeente hanteren. Immers: geen stroom, geen bouwactiviteiten, geen ruimte voor mensen. De capaciteit van het netwerk moet dus uitgebreid worden om in de toekomst aan de vraag naar energie te kunnen blijven voldoen. Het gaat niet alleen om het kunnen aanbieden van voldoende stroom maar ook om de teruglevering van de energie van de zonnepanelen op de daken van de woningen en winkels. Samen met TenneT en Liander werken we daarom aan een nieuw transformatorstation langs de A15 in Nijmegen-Noord.’

Wander vertelt verder: ‘Voor de ontwikkeling van het nieuwe transformatorstation hebben we een beeldkwaliteitsplan opgesteld. Daarin geven we aan welke kwaliteiten we als gemeente nastreven. Zo vinden we het belangrijk dat onze gebiedsontwikkelingen duurzaam, natuurinclusief, adaptief en toekomstgericht zijn. De locatie van het transformatorstation is grotendeels ingegeven door de windmolens die er al langs de A15 ter hoogte van bedrijvenpark De Grift staan. Ondergronds is het een interessante locatie vanwege de bestaande lijn van hoogspanningskabels. Je kan zien dat er in dat gebied energie wordt opgewekt. We benaderen het gebied, ongeacht bebouwing of groen, als een landschappelijke printplaat waar diverse elementen op aantakken en samen een gevarieerd landschap maken. In dat zichtbare energielandschap vormen het transformatorstation en de andere elementen als de windmolens, een eenheid met de flora en fauna die er zich (soms letterlijk) tussendoor beweegt. Door snelgroeiende vegetatie zoals riet toe te passen, ontstaat er een thuis voor bepaalde insecten, knaagdieren en vogels. Een grote groep bewoners die we in veel woongebieden liever niet hebben in verband met overlast. En omdat het kleinere soorten zijn, kunnen ze door het transformatorstation heen vliegen. De vleugelwijdte is te gering om de twee masten tegelijkertijd te raken. Daarnaast geeft de verticale groeiwijze van riet aanleiding om anders over de materialisatie van het transformatorstation na te denken. Zo kan het veelal betonnen stekkerhuisje bijvoorbeeld voorzien worden van een natuurlijke houten verticale betimmering. En ook zijn er vele manieren om met het staal van de schakeltuin (portalen) om te gaan.’

‘We pakken alles dus mee om het energielandschap ook echt te ervaren en te zien’, geeft Wander tenslotte aan. ‘Door natuurinclusiviteit af te dwingen voor bebouwing én terreininrichting van het nieuwe transformatorstation ontstaat er ook voor de flora en fauna een interessant landschap zonder barrières. We werken nauw samen met TenneT, Liander en hun landschap-ontwerper Urban Synergy om boven en ondergronds optimaal op elkaar af te stemmen. Ik kijk met veel belangstelling uit naar de uitgewerkte tekeningen van de architecten. Maar we hebben er natuurlijk alle vertrouwen in dat onze ambitie van toekomstgericht ontwikkelen en zichtbare duurzaamheid hier perfect samengaan!’

 



Delen: